Blog Bara van Pelt: Januari

Januari

Het jaar is klein en speelt nog met haar tenen
De kerstman is weer terug in t Heilig woud.
De geur van oliebollen is nog niet verdwenen
Het jaar is klein en speelt nog met haar tenen
Je staat voor ’t raam en langzaam wordt je oud

De kraai klaagt dat het nooit zo heeft gevroren,
en ook de mens is deze kou te veel.
De kale velden kijken uit naar koren.
Enkel zwart en grijs brengt de natuur naar voren,
al schildert ze veel liever blauw en rood en geel.

Voorop schaatst Januari als de rattenvanger
en lokt de kinderen vrolijk in haar spoor.
De vogellijn maakt melding van de eerste zanger.
Nu weet je het: de dagen worden langer.

‘t Gebeurt telkens weer, maar toch heb je ’t niet door.
Het jaar is klein en speelt nog met haar tenen
En zó gaat het al jaren zonder tel.
Het droomt van vrede, of zijn er nog die anders menen?
Het jaar is klein en speelt nog met haar tenen
In éen jaar is ’t voorbij, wat gaat het leven snel.

Der Januar van Erich Kästner.
Vertaling: Bara van Pelt

Der Januar

Das Jahr ist klein und liegt noch in der Wiege.
Der Weinachtsmann ging heim in sein Wald
Doch riecht es noch nach Krapfen auf der Stiege.
Das Jahr ist klein und liegt noch in der Wiege.
Man steht am Fenster und wird langsam alt.

Die Amselm frieren. Und die Krähen darben.
Und auch der Mensch hat seine Liebe Not.
Die leeren Felder sehnen sich nach Garben.
Die Welt ist  schwarz und weiss und ohne Farben.
Und wär so gerne gelb und blau und rot.

Umringt von Kindern wie der Rattenfänger,
Tanzt auf dem Eise stolz der Januar.
Der Bussard zieht die Kreise eng und enger.
Es heisst, die Tage würden wieder länger.
Man merkt es nicht. Und es ist trotzdem wahr.

Das Jahr ist klein und liegt noch in der Wiege.
Und ist doch hunderttausend Jahre alt
Es träumt von Frieden. Oder träumt’s vom Kriege?
Das Jahr ist klein und liegt noch in der Wiege.
Und stirbt in einem Jahr. Und das ist bald.

 

Hoe zal het ons het komend jaar vergaan?

Hoe zal het mij vergaan?  Die eerste week van januari ontkom je er niet aan om naar voren te kijken. Ik doe het dit jaar maar eens met een van mijn lievelingsschrijvers: Erich Kästner. Veel van u kennen hem als kinderboekenschrijver: Emiel en de detective.  Geestig, ironisch en ontroerend. Hij was een journalist in de donkere jaren van de 1e en de Tweede Wereldoorlog.
Zijn humor en zijn relativering van het militaristische Duitsland maakte hem tot één van de vele schrijvers die werden verboden door Hitlers  regime. Humor en absolutisme, die twee kunnen elkaar slecht verdragen. Toen niet en nu niet.

Het is een januarigedicht van alle tijden. Of niet? Waar is de vorst gebleven, de tijd dat je wolkjes kon blazen met je ademtocht? In de jaren ‘70 toen Kästner overleed was de opwarming van de aarde nog geen thema. Hij schreef zijn gedicht na die verschrikkelijke oorlog. Je zou denken dat het ‘Nie wieder Krieg’ niet meer overschreeuwd zou kunnen worden. Dat iedereen na die oorlog alleen nog maar zou kunnen dromen van vrede. Hij wist wel beter. Diep in de mensen ligt de frustratie en de rancune.

Wat kan ik er van zeggen? Werk aan de winkel! De droom warm houden. Dat ook anderen mee willen kijken en zien hoe aantrekkelijk dat perspectief van gerechtigheid en vrede is, waarvoor we staan.

Wens ik ons allen een goed en gezegend Nieuw Jaar.

Ds. Bara van Pelt

Boekenlegger op de permalink.

Reacties gesloten